Enorme circulaire stappen

in Ecodorp Boekel

Het Ecodorp in Boekel is een van de meest circulaire woningbouwprojecten in Nederland. Tal van bijzondere aspecten werden gerealiseerd met inbreng van ECO+BOUW. Oprichter Patrick Schreven licht enkele keuzes toe.

Tekst: Ysbrand Visser

Het was op een Amsterdamse innovatiebeurs in 2016 waar de initiatiefnemers van het Ecodorp en Patrick Schreven toevallig naast elkaar stonden. Pioniers die laten zien welke resultaten circulair en ecologisch bouwen in de praktijk oplevert. Schrevens ECO+BOUW ging uiteindelijk in 2018 aan de slag met het project, vertelt Schreven.

“De mensen uit Boekel wilden aanvankelijk zelf gaan bouwen. De Duitse bank die de lening verstrekte vond echter dat een professionele partij de woningen moest bouwen. En dat op een dusdanig niveau dat ze ook te verhuren zijn. Vanaf dag één was er een klik tussen ons en het Ecodorp. Wij doen al wat zij wilden.”

“Aanvankelijk was het ontwerp veel te duur. Zij hadden een specifiek wensenpakket wat betreft de materialen die ze wilden toepassen, maar er moest natuurlijk wel gebouwd kunnen worden. In co-creatie met Ecodorp en de architect hebben we net zo lang gepuzzeld tot er een ontwerp lag dat financieel wel binnen het budget paste. Dankzij een fors subsidiebedrag konden we er nog meer duurzaamheid in brengen en daardoor met elkaar enorme stappen zetten.”

Fundering van glasschuim

“De klik was erg goed, zodat je elkaar ook aansteekt met allerlei duurzame oplossingen. Zoals de fundering die nog nooit was toegepast. Het is de duurzaamste fundering van Nederland geworden, bestaande uit geopolymeerbeton en glasschuim.

Het betreft gerecycled glas dat eerst wordt vermalen en dan vermengd met een schuimend middel. Daarna wordt het verhit, zodat je een dikke plaat van glasschuim krijgt met luchtbelletjes erin. Als je dat uit de oven haalt en afkoelt, breekt het in stukken. Die glasbriketten schep je op en gooi je in een kuil als fundering van 15 tot 60 centimeter, waarin je ook de leidingen legt. De hoogte is afhankelijk van de hoeveelheid gewicht die je wilt verdelen. Dat glasschuim is super drukvast en isoleert heel goed. Het neemt geen vocht op en weegt bijna niks. Eigenlijk een ideale fundering.”

“Daarbovenop leg je de druklaag van cementloos geopolymeerbeton, waarop je de woning bouwt. Eigenlijk wilden ze zelfs een stap verdergaan en werken met glasvezeltjes in het beton in plaats van een stalen wapening. Daar heb ik samen met de constructeur een stokje voor gestoken. Ik vond het te experimenteel en ik had mijn twijfels bij het circulaire aspect. Hoe vind je in het beton die glasvezeltjes terug? Terwijl je staal er nog wel uit kunt walsen.”

“We hebben heel nauw samengewerkt met een betonexpert. Na de berekeningen zijn er proefkubussen gestort en daaruit kwamen voldoende data waarmee de constructeur aan de slag kon. Je moet dan nog op zoek naar een betoncentrale. Deze moest worden omgebouwd in verband met het gebruik van een geopolymeer als bindmiddel en kon daarom alleen in het weekend voor ons werken. Ook de stortploeg moest goed geïnstrueerd worden, want met een ander bindmiddel dan cement is er ook een iets langere verhardingstijd.”

Experimenteren

“Om aan de wensen van het Ecodorp te kunnen voldoen, om het prijstechnisch interessant te maken en om het ontwerp van de architect te kunnen realiseren, is er gekozen voor een hybride oplossing op basis van prefab kalkhennep en houtskeletbouw-wanden met een verdiepingsvloer van cross laminated timber. Het Ecodorp kreeg ook toestemming om te experimenteren, zodat we mochten afwijken van het Bouwbesluit. Daar hebben we echter mondjesmaat van gebruikgemaakt, zoals bij de hoogte van het dak. De fundering van geopolymeerbeton is volgens voorschrift aangelegd, dus dat kun je dan zo toepassen.”

“Voor de isolatie is in de buitenschil kalkhennep toegepast in prefab elementen. De hennep wordt gehakseld, gedroogd en om het te binden gebruik je kalk. Dan is de hennep ingekapseld en door de bijzondere microscopische eigenschappen van die plant ontstaat een heel dampopen constructie van geperst kalkhennep.”

Beeld: Ontwerp van het Ecodorp Boekel.

Regenwatersysteem

Het veelgeprezen Ecodorp bestaat uit drie wooncirkels, waarbij elke cirkel een eigen regenwatersysteem bezit. Het water wordt ingezet in wasmachines en voor de spoeling van toiletten. De installaties worden geleverd door Mijn Waterfabriek, die de markt bedient met decentrale, circulaire en klimaatbestendige watersystemen.

Per wooncirkel wordt al het hemelwater van de daken (600m2) opgevangen in drie gekoppelde tanks. Elke cirkel bezit drie tanks van 10m3 met een dubbel uitgevoerd pompsysteem. In één van de tanks hangt een pomp die het regenwater naar een hybride voorraadvat in de technische ruimte pompt. Twee parallel opgestelde pompen zuigen daaruit het regenwater aan en persen dat naar alle toiletten in de woningen en naar de wasmachines in de wasruimte. In de persleiding is een actief koolfilter geplaatst dat zorgt voor een heldere kleur en geurloos regenwater. Normaal gesproken is dat niet nodig. Nu wel in verband met de plannen voor een groen dak (uiteindelijk niet gerealiseerd). Als de regenwatertanks vol zitten, stroomt het overtollige regenwater over in infiltratietunnels, zodat dit kan infiltreren in de grond.

Schreven tot slot: “Naast dat systeem wordt verder het afvalwater uit de woningen met een helofytenfilter gezuiverd en ook dat water wordt ingelaten in de bodem. Het voordeel daarvan is dat in heel droge perioden de grondwaterstand op peil wordt gehouden door het eigen afvalwater. Daarmee ga je verzakking van de bodem tegen en dat is veel beter dan al het afvalwater via het riool af te voeren. Wij hebben op verschillende projecten dit soort systemen van Mijn Waterfabriek toegepast of een keer doorgerekend. Dat was hier heel snel beklonken.”

Ecologisch bouwen

Ecologisch bouwer Patrick Schreven (ECO+BOUW, sinds 2013) ontwikkelde eerder bij een timmerfabriek een passie voor hout. “In 2013 was ecologisch, biobased en circulair bouwen nog relatief onbekend. De vraag was of ons bedrijf zich 100% kon richten op deze materie? Dat was echt een experiment. Bouwen met hout was op dat moment, los van houtskeletbouw, nog een vies woord. Ik werd nog net niet uitgelachen.”

Het bedrijf ontwikkelde zich gestaag en zag in de loop der jaren de begrippen ‘biobased’ en circulair bouwen opkomen. Schreven: “Veel traditionele bouwers deden al aan een vorm van recycling en vonden zichzelf daarom ook circulair. Dan moet je uitleggen dat recyclen niet hetzelfde is als circulair. Wat wij deden, het denken in natuurlijke en technologische kringlopen met aandacht voor gezondheid en de planeet, was natuurlijk al helemaal biobased en circulair.”

“Naast die thema’s zijn wij één van de eersten die communiceerden over de opslag van CO2 in hout. Dat werd in 2013 nog voor kennisgeving aangenomen en kreeg weinig aandacht. Langzamerhand is dat gaan groeien. Inmiddels zijn we acht jaar verder en hebben we vastgehouden aan de koers die we vanaf dag één hebben ingezet. Bijzonder is dat we nog nooit concessies hoefden te doen.”