Hoofdstuk 2: Het Reisverslag


Deel 5: Innovatieve en betaalbare woonconcepten

De volgende mijlpaal voor de Duurzaam Gebouwd Expeditie ’t Veen: Gemeente Hattem werd op 15 december 2020 bereikt, tijdens een digitale bijeenkomst met de expeditieleden. Op het programma stond een discussieronde over het vijfde en laatste thema ‘Betaalbare en innovatieve woonconcepten’. “Hoe ziet ons ultieme woon-werkgebied eruit en welke creatieve ideeën moeten we de ruimte geven om een toekomstbestendige woningvoorraad te realiseren?”

“Durf te dromen”, riep expeditieleider Jody Andernach, om zoveel mogelijk input te krijgen over mogelijkheden rondom verduurzaming en innovatieve woonconcepten. “In een open setting achterhalen we welke concepten de kans moeten krijgen om hun stempel te drukken op de transformatie van ’t Veen.” Sybold Herder van de gemeente Hattem blikte terug op vier sessies die veel enthousiasme losmaakten: “We hebben veel informatie met elkaar uitgewisseld en krijgen handreikingen om visies bij te stellen naar vernieuwde doelstellingen”, geeft Herder aan. “We zien ook de behoefte bij de expeditieleden om meer te vertellen over de oplossingen die we kiezen. Mooi vind ik de creativiteit die we naar voren brengen. We staan nu voor de vertaling naar een beoordelingsmodel. Hoe krijgen we straks duurzaamheidsdoelstellingen erin verwerkt?”

Contouren van ’t Veen

Woningverduurzaming moet volgens hem integraal worden opgepakt: circulair, klimaatbestendig, slim, geen energierekening én betaalbaar. “Denk buiten de gebaande paden en heb het niet alleen over woningaantallen en standaard typologieën die we kunnen toepassen”, leidde Herder in. Toch schetste hij de contouren van het gebied, zodat duidelijk werd waar de toekomstbestendige concepten een plekje krijgen. “Er komen relatief veel grondgebonden woningen en er is voor het grootste deel ruimte voor koopwoningen. De behoefte is divers en de vraag in Hattem loopt nogal uiteen. Dat zien we ook terug in de grote variatie in de woningen die we nu al in onze gemeente hebben.”

Wonen als dienst

Hij ziet ook een trend in de groei van het aantal huishoudens, waardoor het de verwachting is dat de vraag naar woningen stijgt. “Het aantal huishoudens stijgt van 5.067 in 2019 naar 5.665 in 2049. In de regio zien we een druk op de woningproductie om aan de kwalitatieve vraag te voldoen. Het gaat om tienduizenden woningen die in de regio Zwolle moeten worden gerealiseerd.” De vertaling van behoefteonderzoeken van de bestaande voorraad en nieuwbouw zijn vertaald in de tabel ‘Wonen op ’t Veen’. “We zien de waarde voor de toekomst voor gemêleerde woningtypologieën en is er ruimte voor innovatie.” Hoe benader je die nieuwe woon-concepten? “Doen we dat alleen vanuit materiaalbenadering (biobased) of een demontabel bouwproces?” Het is volgens hem ook zinvol om te bespreken of woonvormen als een dienst kunnen worden aangeboden. “Denk aan Housing As A Service of aan leasevormen in het algemeen of van bijvoorbeeld gebouwonderdelen.”

Duurzaam Gebouwd-expert Masi Mohammadi (TU/e, HAN) kent de kansen van een integrale aanpak en het slaan van bruggen tussen verschillende disciplines op haar duim. Nauw samenwerken voor optimale, bouwkundige ontwerpen is wat haar betreft het uitgangspunt. De brug slaan tussen realisme en innovatie is volgens haar de uitdaging: “Een vernieuwend aspect in onze gebouwen is de artificial intelligence. Wat we vaak doen is het overnemen van de taken van mensen. Denk goed na over uitdagingen, we nodigen mensen niet uit om bijvoorbeeld te bewegen.

Dat zorgt voor maatschappelijke problemen. Hoe krijgen we woonomgevingen meer ondersteunend en stimuleren we gebruikers?”

Wonen in een robot

Als we het ontwerpen van de woonomgeving overwegen, gaan we nadenken over het DNA. De bouwsector vindt zich opnieuw uit, onder andere door industrialisatie, digital twins en de tiny houses-beweging, om zo invulling te geven aan maatschappelijke opgaven. Van belang is volgens haar dat er geen one size fits all-aanpak is: “Er zijn geen eenduidige woonwijken, maar wel kansrijke concepten die de ruimte moeten krijgen. Die ideeën moeten dermate toekomstbestendig zijn, dat ze in 2040 nog relevant zijn.” Ze gaf een vergezicht naar die realiteit. “We wonen in een soort robot en gebouwen zorgen voor ons. De gebouwde omgeving vormt dan één geheel met de natuur.”

Hoe ziet die innovatie er vandaag de dag in de praktijk uit? “We realiseerden 11 real-life living & learning labs. De levende gebouwen gaan mensen begeleiden in het dagelijks leven, vandaar de benaming ‘de empathische woning’, die op dit moment op de Kleefse Waard in Arnhem staat.” Het idee is dat de woning steeds evolueert. “Bijvoorbeeld door senioren in een Guiding Environment te betrekken. Denk aan een boterham die op de muur verschijnt, zodat de bewoner weet dat het etenstijd is. Of een richtingaanduiding met ledverlichting op de grond.” Slim staat volgens haar dan ook voor Sociaal Leefbaar, Inclusief en Mensgericht. “De uitdaging is om elementen te selecteren die ook bij ’t Veen een interessante toepassing zijn.”

“In de toekomst wonen we in een soort robot en zorgen gebouwen voor ons.”

Duurzaam Gebouwd Expert Masi Mohammadi, TU Eindhoven/HAN

Het was aan Johan Wessels van bouwmaatschappij Ufkes Apeldoorn om het spits af te bijten en zijn ervaringen met woonconcepten te delen. “We hebben een grote hoeveelheid ambities om in te vullen: energieneutraal, CO2-neutraal en circulair. Dat moeten we allemaal invullen binnen een betaalbaar woonconcept.” Hij ziet industrialisatie als een belangrijke catalysator voor vernieuwing en het invullen van deze behoeftes. Ook al is het vooroordeel dat industrieel bouwen ‘eenheidsworsten’ creëert, dan nog hoeft de bouwmethodiek volgens hem niet uit te monden in saaie bouwvormen. “Het is een product dat uit de fabriek komt, maar niet de industriële esthetiek meedraagt. Alle woningen zijn demontabel, hebben een prestatiegarantie en kunnen zelfs Cross Laminated Timber [CLT, hout; red] in zich hebben.”

Zijn advies is om de wijk niet te saai te maken met één ambitie die niet aansluit bij woonbehoeften. “Differentieer de ambities voor sociale woonvoorziening tot en met high end. De ondergrens is Nul op de Meter (NoM). De unique selling point van industrialisatie is voor iedereen duidelijk: bouwsnelheid.” Hoe je koperswensen vertaalt in een woonblok is daarbij een uitdaging. “Er zijn mogelijkheden als het gaat om de wastafel en dergelijke, maar de indeling staat vast omdat de elementen op elkaar moeten aansluiten.”

Niet alleen the usual suspects

Het stokje ging over naar Martin Kanis van Dura Vermeer, die over het Blokje Om vertelde. “Dit totaalproduct wordt in de fabriek geprefabriceerd en binnen twintig dagen wordt de nieuwe woning opgebouwd, met kant-en-klare gevels en vloerelementen.

Het concept is geëvolueerd naar gestapelde bouw, dat van hetzelfde principe uitgaat, met een rappe bouwtijd.” Het concept is onder andere in trek bij woningcorporaties.“Daarnaast hebben we een filosofie ‘The Good Life’, waarin we naast het gebouw en de mensen ook met de omgeving en de gezondheid aan de slag gaan. Op Duurzaam Gebouwd besteedden we eerder aandacht aan dit gedachtegoed, dat naast the usual suspects ook andere interessante partijen bij het bouwproces betrekt, zoals omgevings-psychologen.

image

De expeditieleden kwamen tot nieuwe inzichten aan de hand van een discussie

Bekijk hier de Mindmaps van de vijfde bijeenkomst

Aquathermie ook voor bestaande bouw?

Henri van Nieuwenhuizen (BPD) gaf vervolgens een update over de rol van aquathermie in de concepten: “Er zit veel energie in de waterpartij dichtbij ’t Veen en de conclusie is dat het op het complete stadsniveau kansen met zich meebrengt. Het is met name op hoogtempera-tuur gericht.” Daarmee is het ook een interessante optie voor de bestaande bouw, die vaak hoge temperaturen warmtevoorziening nodig heeft om comfort te bieden. “Mijn advies is om de uitgangspunten voor aquathermie mee te nemen in het woningontwerp, zodat een aansluiting nu misschien niet hoeft, maar over tien jaar wel kan.”

Michiel van der Does van Loostad Vastgoedontwikkeling richtte zich op de materialen: “Betonbouw wordt steeds duurzamer. Het proces wordt telkens bijgeschaafd en verbeterd. Zo wordt bestaand beton hergebruikt voor de casco’s van de MorgenWonen-woningen [industrieel vervaardigde woningen van VolkerWessels, red.]. De volgende stap is om ook houtbouw in het concept onder te brengen.”

Mark Mateboer van Mateboer Groep legde de nadruk op het betrekken van de bewoner bij het bouwproces. “Vraaggericht ontwikkelen betekent voor ons de interesse in de doelgroep, het bestedings-patroon en de wensen voor gebouw en omgeving. Het vergroten van de betrokkenheid van bewoners bij verduurzaming is de uitdaging.” Leaseconcepten, daar lijkt van bewoners nog niet veel aandacht voor te zijn. Of dit in de toekomst verandert? “Misschien, het is denkbaar dat een keuken als dienst in het plan wordt opgenomen.”

Leaseconcepten, daar lijkt van bewoners nog niet veel aandacht voor te zijn. Of dit in de toekomst verandert? “Misschien, het is denkbaar dat een keuken als dienst in het plan wordt opgenomen.”

De wijk eruit laten springen

Voor Coenraad Van de Poll van Poll Vastgoed vormt differentiatie de sleutel. “Wil je de wijk eruit laten springen, dan heb je creativiteit en ideeën van bewoners nodig. Geef bij een aantal kavels de kans om eigen ambities waar te maken.” De nadruk ligt volgens hem ook op het onderdeel levensloopbestendigheid, wat eerder tijdens de bijeenkomst door Mohammadi werd aangestipt. “Vanwege de stijgende zorgkosten is dit een maatschappelijke opgave geworden, die we met de juiste ambities kunnen invullen.”