Bokito of Bonobo?


Je komt in de markt nogal wat ego’s tegen. Mensen en bedrijven die primair acteren vanuit eigen producten, beleid of belang. In de bouwsector zijn we dat eigenlijk nauwelijks anders gewend. Mag ik de vergelijking maken met het dierenrijk?

Tekst: Harm Valk, Duurzaam Gebouwd-expert, Partner en senior adviseur, Nieman Raadgevende Ingenieurs

Beeld: Harm Valk, Duurzaam Gebouwd-expert

Glad ijs, want ik ben geen bioloog. Maar als ik de term ‘Bokito-gedrag’ introduceer om dat type marktbenadering te karakteriseren, dan snap je wat ik bedoel: vechten om de hoogste positie in markt of project, desnoods ten koste van anderen. Daar tegenover zet ik de bonobo’s, die alle problemen oplossen door het onderlinge contact op te zoeken. We hebben namelijk een gedragsverandering nodig om te komen tot aansprekende resultaten op weg naar een circulaire en duurzame gebouwde omgeving.

Imposant, dominant, masculien; zo is de alfaman in een groep gorilla’s te karakteriseren. In Nederland is Bokito uit Blijdorp de bekendste representant, na zijn ontsnapping uit zijn verblijf een aantal jaren geleden.

Maar om ons heen zijn er meer ‘bokito’s’, niet in de laatste plaats in de (inter)nationale politiek, maar steeds vaker ook in het maatschappelijk debat.

Ook in traditionele bouw- en ontwerpprocessen is het te vaak bokitogedrag wat we zien. Daarmee bedoel ik het primair redeneren vanuit eigen positie, elk alternatief beschouwen als aanval en elk compromis als nederlaag. Per saldo niet erg constructief. ‘Apengedrag’ hoor ik wel eens zeggen, maar dat is te kort door de bocht als je de benadering en sociale structuren van de bonobo’s beschouwt. Minder gewelddadig, meer gericht op de sociale structuur. Een conflict wordt opgelost met een orgie. Dat gaat vanzelfsprekend veel te ver in de vergelijking met samenwerkingsrelaties in de bouw- en vastgoedsector, maar je begrijpt waarschijnlijk waar ik naartoe wil: een samenwerkingsvorm waarin het gezamenlijke belang het uitgangspunt is.

Polariseren of polderen?

Laat ik het anders stellen: kiezen we voor polariseren of polderen? Het werkwoord polderen is niet voor niets afgeleid van de onderlinge samenwerking en afhankelijkheid die inherent is aan een Hollandse polder. Van de fysieke polder naar het economische poldermodel heeft twee eeuwen tijd gevraagd, maar de laatste jaren heeft polderen een negatieve bijklank gekregen, net als theedrinken. Onterecht naar mijn idee. Want schieten we nu echt zo veel op met de polarisatie in het politieke debat en de maatschappelijke omgangsvormen? Het is wel duidelijk om zaken te benoemen en duidelijk stelling te nemen, maar als het ontaardt in letterlijke en figuurlijke blokkades, gijzelen we elkaar in ieders eigen gelijk. Complexe problemen en maatschappelijke uitdagingen kunnen we alleen gezamenlijk en met inzet van ieders kennis en kunde oplossen. Als we dat doen vanuit een open houding, komen we zelfs tot schijnbaar toevallig ontdekte, nieuwe inzichten. Serendipiteit wordt dat genoemd.

Zoek je bonobo op

De bonobo is de meest bedreigde mensapensoort volgens Wikipedia. Laten we het polderen ook uitsterven? Of kiezen we er opnieuw voor om in een open houding de dialoog aan te gaan en te komen tot oplossingen, waarbij alle belangen op toekomstwaarde worden geschat? Zowel bokito als bonobo zijn een karikatuur voor ons zakelijke gedrag en voor de manier waarop we onze samenleving vormgeven. Maar als we meters willen maken met de transitie naar een circulaire en energieneutrale economie en gebouwde omgeving, is het toch beter om onze interne bonobo op te zoeken dan te volharden in bokito-gedrag.